Blog Image

Blauw bloed anekdotes

Verhalen, anekdotes, herinneringen

Ooggetuigenverslagen vanuit de Postbank. Belevenissen van klanten. U leest het hier allemaal.


Terug naar hoofdmenu.


Uw eigen anekdote hier? Kies in het hoofdmenu voor 'Giroblauw past bij jou' voor meer informatie.

Postrekening 200.000

Logistiek Posted on 25 Jun, 2010 15:57

Postrekening 200.000

Dat was de rekening die de Rijkspostspaarbank aanhield bij de Postcheque
en Girodienst. Deze rekening werd gebruikt als tussenrekening, onder
andere voor het stelsel van de periodieke overschrijving.

We hebben het over 1934.

Het nieuwe digitale krantenarchief van de KB is een schitterende bron
voor echte oude RPS en PCGD geschiedenis.

Zie:

http://kranten.kb.nl/index/index/state/load

Voor een stukje in ‘Het Vaderland’ over ‘een aanbevelenswaardige
spaarmethode’ zie:

http://kranten.kb.nl/view/article/id/ddd%3A010015458%3Ampeg21%3Ap009%3Aa0229



Testen – altijd maar testen

Logistiek Posted on 16 Sep, 2009 12:34

Bij
de introductie van OLPC (Off Line PIN Controle = het controleren van de
ingetoetste PIN terwijl het apparaat niet in verbinding staat met
een centrale computer) op de postkantoren in 1987 bleek het nut van goed testen weer eens.

Om
de software van de OLPC-apparaten te testen hadden we (toevallig) voor
testpassen gekozen met de letter Z in het pasnummer. Op de testpas stond dus iets
als 123Z456.

Bij
het testen bleek het systeem niet te werken. Na enig zoekwerk kwamen we er
achter dat de programmatuur alleen passen aankon met een letter T of eerder in
het alfabet. Dat je maar uit 20 in plaats van 26 letters kon kiezen bij dit
programma, had van te voren toch echt niemand bedacht.

Gelukkig
vonden we dit probleem al tijdens het testen, want als we hadden uitgerold en
in de praktijk er tegenaan waren gelopen, hadden we alle 4800 apparaten moeten
vervangen. Het waren immers off line apparaten, dus centraal downloaden van
software was niet mogelijk.

Projectleider



Fondsen poepen

Logistiek Posted on 21 Aug, 2009 21:24

Op de top van de
beurshausse eind jaren negentig worden door de Postbank met grote regelmaat van
de klok niet ‘huisfondsen’ naar de markt gebracht. Het tempo is zo hoog dat de
term ‘fondsje poepen’ zijn intrede doet. Elke introductie overvleugelt zijn
voorganger door nog meer geld op te halen bij de introductie van het fonds. Zo
wordt in maart ’99 het Postbank Communicatietechnologiefonds naar de beurs
gebracht. Als projectleider wilde ik daar graag, geheel in lijn met het
karakter van het fonds, een moderne wijze van inschrijven bij
introduceren. Tot op dat moment werd namelijk nog gewerkt met coupons welke veelal
handmatig werden overgetikt.

Helaas was online
bankieren nog niet zo volwassen en was het Girotel pakket een beetje ouderwets
en erger: alleen toegankelijk voor bestaande klanten. Om de suggestie te wekken dat alles digitaal ging, werd een
inschrijfformulier op de Postbankwebsite geplaatst waarmee klanten konden
inschrijven. De voorkant zag er gelikt uit, maar de achterkant…

Door het
ontbreken van een goede koppeling met de beleggingssystemen en beperkingen in
het e-mail afhandelingspakket moest worden uitgeweken naar andere middelen. Het
verzenden van de webpagina met het inschrijfformulier genereerde daarom een
mailtje dat buitenom werd verstuurd naar een mailbox welke op een afgedankte PC
via Outlook expres werd binnengehaald met een piepend 14k4 modempje.

Het succes
was overweldigend! Al de eerste dag kwamen duizenden mails binnen op het oude
PC-tje welke op een klein printertje werden uitgeprint en alsnog handmatig
moeten worden verwerkt. De grote hoeveelheid mail leidde bij het leeghalen van
de mailbox steevast tot een vastlopende PC waardoor het ritueel meerdere malen
opnieuw moest worden uitgevoerd.

De inleg van het fonds overtrof wederom dia van zijn
voorganger, maar bij het daaropvolgende fonds is toch maar weer gekozen voor de
vertrouwde papieren coupon…

Voormalig projectleider



De IBM 1401

Logistiek Posted on 22 Jul, 2009 17:34

Na een mislukte poging tot automatisering in
1923, gaat de Postcheque en Girodienst eind vijftiger jaren echt automatiseren.
De eerste computer was een IBM 1401. In die tijd de meest vooruitstrevende
computer die je voor administratieve doeleinden kon gebruiken.

Deze computer kende verschillende onderdelen
die met kabels aan elkaar waren verbonden:

* De centrale verwerkingseenheid die al het
rekenwerk deed (te vergelijken met de centrale processor, wat omliggende
kleinere chips en de geheugenchips in een moderne PC)

* De kaartlezer en kaartponsmachine die de
gegevens uit de ponskaarten las, of nieuwe gegevens in een ponskaart ponste
(vergelijkbaar met het gebruik van een USB-stick)

* De tape-units waarmee magnetische banden
konden worden gelezen en beschreven (daar gebruiken we nu een harde schijf
voor)

* Een uitbreiding van het werkgeheugen (een
aparte kast)

* En het informatiestation, een elektrische
typemachine die gegevens van de computer kon printen, maar waar – door middel
van het toetsenbord – ook opdrachten aan de computer konden worden gegeven.

Het geheugen van de 1401 bestond uit kleine
ringetjes – minder dan 2 millimeter doorsnee – van porcelein gemengd met wat
metaal. De ringen waren bevestigd op een netwerk van metalen draden waar stroom
doorheen liep. Een dergelijk geheugen was zo groot, dat zelfs een (naar moderne
maatstaven) extreem klein geheugen, heel veel plek in beslag nam. Het geheugen
van de 1401 was 12 kilobytes, uitbreidbaar tot 16 kilobyte. Om een idee te
geven: een gemiddeld liedje in MP3-formaat is 2000 keer zo groot. En dat alles
in een kast waar mijn koelkast klein bij lijkt.

De gegevens werden door middel van ponskaarten
in het geheugen van de computer geplaatst. Jarenlang waren de meeste
formulieren van de PCGD uitgevoerd als ponskaarten. Door middel van koperen
borsteltjes kon de kaartlezer ‘lezen’ op welke positie de ponsgaten waren
geponst. Elke plek op de kaart had een andere betekenis. Hierdoor konden zowel
cijfers als letters in het geheugen van de computer worden ingevoerd.

De kaartlezer van de 1401 kon maar liefst 800
kaarten per minuut lezen. Dat komt ongeveer overeen met het kopiëren van een
MP3-liedje in 50 minuten.

Het
klinkt misschien allemaal wat primitief, maar met behulp van deze systemen werd
in de zestiger jaren wel de helft van het totale girale betalingsverkeer van
Nederland geregeld.



The sky (en nog wat verder) is the limit

Logistiek Posted on 29 Jun, 2009 11:29

Het
zijn hoogtijdagen voor het internet. Alles kan en iedereen ziet onbegrenste
mogelijkheden.

De
Postbank, die altijd al voorop liep met electronisch betalingsverkeer en het
mogelijk maken van bankieren met je eigen PC, kan de groei van het
internet-bankieren maar net aan bijhouden.

De
van oorsprong stille ruimtes, de gebedsruimtes, – op de wandelgangen ook wel de
bidhokken genoemd – worden langzaam maar zeker geofferd aan de ‘goden van de
groei’. Bijna wekelijks worden er nieuwe servers (computers nodig om het
internetverkeer mogelijk te maken) bijgeplaatst.

Het
gaat goed. Om het harde werken van iedereen te belonen, komt een van de
directeuren iedereen persoonlijk op de internetafdeling bedanken en een hart
onder de riem steken. Onderdeel van het bezoek: een kijkje in de serverruimte.
Vol, klein, opgepropt. Het gevolg laat zich raden: een kleine beweging van de,
niet overdreven slanke, directeur is voldoende om een paar kabels uit de
machines te trekken. Paniek!

De
schade valt gelukkig mee en al snel is alles weer ‘up-and-running’.

Het
incident vormt het startsein om strakker om te gaan met de toegang tot de
serverruimtes en een project om de serverruimtes beter in te richten en back-up
systemen op andere lokaties in te richten. Tegenwoordig is er heel wat meer
voor nodig om het internetbankieren ‘down’ te laten gaan.

Projectleider



Het kabelputje

Logistiek Posted on 12 Jun, 2009 16:15

Niet alleen de grote aantallen van
de primaire processen zoals betalen kunnen tot problemen leiden. Zo vertelde de
toenmalige projectleider mij over de onverwachte problemen die hij tegenkwam
bij zijn project.

Het aanleggen van een
back-upcomputer en een netwerk is ook in de negentiger jaren al geen groot
probleem meer. Maar zelfs een ondersteunend proces als de interne financiële
verslaglegging, is zo groot, dat een ogenschijnlijk eenvoudige klus toch de
nodige logistiek problemen met zich mee kan brengen.

De Nederlandse Bank eist dat de
Postbank met al haar processen binnen 24 uur weer in de lucht is, ook als er
sprake is van een calamiteit zoals een afgebrand computercentrum. Dat geldt ook
voor de interne financiële processen. Dat betekent dat (computer)systemen
dubbel uitgevoerd moeten worden: twee computers, een flinke afstand van elkaar
verwijderd, met een snelle communicatielijn, bieden voldoende veiligheid. Valt
er één uit, dan kan de ander met minimale moeite het werk overnemen.

Het computercentrum in Rotterdam is
voor een groot aantal andere computersystemen als back-up ingericht. Nog meer
back-up systemen plaatsen kan ten tijde van dit project niet meer omdat de
stroomvoorziening het niet aan zou kunnen. Een andere ING-afdeling bouwde
echter een nieuw, eigen computercentrum in Den Haag. De back-up van het
financiële systeem kan daar wel bijgeplaatst worden.

Maar ook een relatief klein
computercentrum heeft extra stroomvoorzieningen en extra koeling nodig.
Koelingsbuizen waar een volwassen man rechtop door kan lopen. En dat achteraf
ingepast in een bestaand gebouw. Het plaatsen van de koelinstallatie gebeurt op
zondagochtend omdat de hijskraan die het geheel op het dak moet plaatsen,
alleen midden op een drukke verkeersweg kan staan.

De communicatielijn tussen het
computercentrum in Rotterdam en het gebouw in Den Haag moet van glasvezel zijn.
Alleen dat is snel genoeg om een goede back-up voorziening te waarborgen. Op
dit traject is nog geen glasvezelkabel beschikbaar, dus die moet getrokken
worden. Gelukkig liggen er wel al overal kabelpijpen met daar tussenin
kabelputjes, zodat de kabel alleen van putje naar putje getrokken hoef te
worden. In dit geval: langs 89 putjes. Geen probleem. Behalve dat sinds de
putjes en de kabelbuizen waren getrokken, er twee grote projecten gestart zijn
op het traject: de aanleg van de Randstadrail en een nieuw stadion van FC Den
Haag.

Vlak voor de oplevering van de
systemen zijn nog twee putjes zoek. De locatie van de putjes is wel op kaarten
aangegeven, maar niet met exacte coördinaten. Het eerste putje wordt gelukkig
nog redelijk snel gevonden: onder het voetbalveld, midden in het nieuwe
stadion. Maar het andere putje is lastiger. Bovenop het putje is de
aannemerskeet van de Randstadrail geplaatst. Een hijskraan moet eraan te pas
komen om een keet van drie verdiepingen een paar meter te verplaatsen. Daarna
wordt er klassiek gegraven om naar het putje te zoeken: tevergeefs. Het putje
blijft zoek. De laatste redding is het door de kabelbuis blazen van een
peilzendertje vanuit een naastgelegen putje waar je wel toegang toe hebt. Het
putje blijkt een paar meter verderop te liggen: een meter naast de
oorspronkelijke locatie van de aannemerskeet.