De Rijkspostspaarbank had de postkantoren als bankkantoren.
Inleggen van cash geld ging met kaarten die sterk leken op de PCGD-girokaarten (maar zonder voorgestanste gaten).

Om geld op te nemen ging je ook naar het postkantoor. Voor een ‘rush’ van de rekeninghouders op hun spaartegoeden hoefde niet gevreesd te worden. Het was niet mogelijk om onbeperkt geld op te nemen. Zelfs met extra legitimatie-esien, kon de klant maximaal 1000 gulden per 4 weken opnemen.


“Bezit u een legitimatiebewijs met foto, dan kunt u op elke postinrichting tot f. 1000,- per 4 weken direct opnemen. Zo niet, laat dan uw handtekening inschrijven op een of twee door u gewenste postinrichtingen. Indien uw handtekening is ingeschreven kunt u ook iemand machtigen een bedrag op dit kantoor op te nemen.”