Lang voordat er sprake was van een kredietcrisis door over-kreditering, werd ‘rood staan’, (een saldo onder de nullijn) nog niet gewaardeerd.
De giro controleerde het tegoed van elke klant voortdurend. Bij rood-stand ging er direct een waarschuwing naar de klant. En als het tegoed niet op tijd werd aangezuiverd, volgde een wat strengere brief: