Blog Image

Blauw bloed anekdotes

Verhalen, anekdotes, herinneringen

Ooggetuigenverslagen vanuit de Postbank. Belevenissen van klanten. U leest het hier allemaal.


Terug naar hoofdmenu.


Uw eigen anekdote hier? Kies in het hoofdmenu voor 'Giroblauw past bij jou' voor meer informatie.

Een uitkomst voor iedereen (1965)

Het merk Postbank Posted on 22 Jul, 2009 19:09

Ongetwijfeld zult u wel eens hebben gehoord
van de giro. Misschien heeft u daarmee al wel te maken gehad doordat u geld
heeft gestort op een postkantoor of een cheque heeft geïncasseerd. Als u een
rekening bij de Postcheque- en Girodienst heeft, dan kunt u betalen of geld in
ontvangst nemen zonder dat er contanten aan te pas komen. Heeft u zich wel eens
afgevraagd of de giro iets voor ù is? Eén miljoen Nederlanders zullen uw vraag
beantwoorden met: “Nou en of!” Zij zullen u vertellen, wat een plezier zij van
hun eigen girorekening hebben. Hoe eenvoudig het is. Hoe veilig. Hoe accuraat.
Hoe voordelig. En vooral . . . hoe gemakkelijk! Want gemakkelijk is het, zo’n
girorekening, die bij een girokantoor wordt aangehouden. Voor zaken en
bedrijven is deze zelfs onmisbaar. Maar ook vele honderdduizenden gewone
particulieren, die reeds een girorekening hebben, willen hem niet meer kwijt.

Uit: Postgiro-brochure, circa 1965



Een Pennestreek (1965)

Het merk Postbank Posted on 22 Jul, 2009 19:08

U, die waarschijnlijk nog geen girorekening
heeft, spreekt van “gaan betalen”. U moet telkens ergens geld gaan brengen, al
was het maar naar het postkantoor. Kwitanties, postwissels, stortingskaarten,
geld tellen, in de rij staan, wisselgeld tellen, het komt u allemaal even
bekend voor. Ook de incasseerder, die soms op de meest ongelegen ogenblikken
aanbelt, is voor u een vertrouwde, maar daarom nog niet altijd welkome
verschijning. Houders van een girorekening zijn al dit ongerief echter allang
vergeten. Als zijn betalingen verrichten, zitten zij thuis in een gemakkelijke
stoel. Zij kiezen een rustig moment, vullen een paar girokaarten in en . . .
dat is alles.

Het is zo eenvoudig

Als u een girorekening aanvraagt bij een
postkantoor, krijgt u na enkele dagen van het girokantoor twee boekjes met elk
50 girokaarten. Op elke kaart staan uw naam en adres afgedrukt. Als u iemand
betalen wilt, vult u op zo’n girokaart gewoon het bedrag in. Vervolgens zet u
er zijn naam, zijn woonplaats en het nummer van zijn girorekening onder. En
daaronder uw handtekening. U sluit deze kaart, eventueel met nog andere, in een
speciale giro-enveloppe en werpt deze – zonder postzegel – in de brievenbus.
Voor de rest zorgt de Girodienst. Natuurlijk moet u voldoende geld op uw rekening
hebben. De bedragen, die u gireert, worden van uw tegoed afgetrokken. Van het
girokantoor krijgt u een afrekening waaruit blijkt aan wie u heeft betaald en
hoe hoog uw tegoed nu is. De betaalde bedragen worden bij het tegoed van
degenen aan wie u gireert, opgeteld. Deze krijgen van de Girodienst bericht,
dat u hun betaald heeft.

Uit: Postgiro-brochure, circa 1965



What’s in a name?

Medewerkers Posted on 22 Jul, 2009 19:06

Het moet omstreeks 1995 geweest zijn dat ik ’s
morgens, gewoontegetrouw, als één der eersten ons ING-kantoor in Den Haag
binnenstapte mijn directeur, de heer Peter Robijns me tegemoet trad om me
iemand van de Raad van Bestuur voor te stellen. Ik werkte destijds als unieke
functionaris van Betalingsadviseur van het districtkantoor Den Haag op het
Tournooiveld ( let wel: met de naam de Ridder!

Peter Robijns showde zo vroeg in ochtend, vol
trots zijn “juweel” het pas heropend kantoorgebouw aan dit bestuurslid. Hij
stond op het punt om hem aan mij voor te stellen en ik zag hem aanstalten maken
om zijn naam te noemen. Op dat moment maakte ik een soort stopteken en zei:
Peter, wacht even. Ik ken mijnheer o.a. uit onze bedrijfsliteratuur en van het
Bedrijfsjournaal dat wij regelmatig ontvangen en bekijken. Ik herinner mij, zei
ik, dat u onlangs nog de eerste paal heeft geslagen voor een nieuw gebouw van
de Postbank in Leeuwarden met zo’n ouderwets heimachine, die nog met de hand
bediend werd en waarvan de paal heel toepasselijk van hout was.

Op het moment dat ik in dat Journaal die paal
in de grond zie verdwijnen, dacht ik inmiddelijk aan uw naam, mijnheer
Minderhoud.

U begrijpt dat beide heren op die bewuste
vroege morgen begonnen te bulderen van de lach en zelf mij ook enige
voorbeelden van ezelsbruggetjes noemden als zij met hetzelfde probleem kampten.

Kees de Ridder



Contant geld (1965)

Het merk Postbank Posted on 22 Jul, 2009 19:04

Maar, zo zult u zeggen, ik kan toch niet alles
gireren. Inderdaad! U zult steeds contant geld nodig hebben om boodschappen te
doen en de tram, de trein en andere voorkomende kosten te betalen. Dat contante
geld kunt u zich op twee manieren verschaffen. Hebt u direct contant geld
nodig, dan kunt u, zonder enige kosten, gebruik maken van de zgn. kascheque,
die particulieren kunnen krijgen wanneer zij een jaar rekeninghouder zijn. Met
deze kascheque en een legitimatiebewijs kunt u bij één der ruim 2.000 postkantoren
en post-agentschappen in Nederland direct ieder bedrag tot f 500,- conant
opnemen. U dient het bedrag natuurlijk wél op uw girorekening te hebben staan.
Desgewenst kunt U twee kascheques aanvragen. U kunt ook voor uzelf een
postcheque uitschrijven waarvoor een girokaart kan worden gebruikt. Dan wordt
het gewenste geld van uw girorekening afgetrokken en op het postkantoor aan u
uitbetaald. Dit duurt enige dagen, zodat het raadzaam is de kaart bijtijds in
te zenden.

Uit: Postgiro-brochure, circa 1965



Mensen langs de weg (1965)

Het merk Postbank Posted on 22 Jul, 2009 19:02

U ziet dat de Girodienst u een aantal nuttige
mogelijkheden heeft te bieden.

Voor mensen die in een buitendienst zitten en
die voor hun werk veel door het land moeten reizen, zijn deze mogelijkheden
dubbel plezierig. Vertegenwoordigers, inkopers, opzichters, uitvoerders en vele
anderen, wier eigenlijke taak meestal ver van het kantoor van hun werkgever
verwijderd ligt, kennen het grote ongerief, als de maandelijkse uitbetaling van
hun salaris hen noodzaakt, daarvoor speciaal naar hun werkgever terug te reizen.

Wat doen deze mensen? Zij nemen een
girorekening, laten daarop voortaan hun salaris overschrijven en laten daarvan
hun betalingen automatisch verrichten.

Onbekommerd reizen zij verder door het lans,
hun geldzaken alsdus geregeld wetend.

En komt de nood plotseling aan de man, dan
stappen zij met hun kascheque een postkantoor binnen en beschikken enige
minuten later over contanten.

Uit: Postgiro-brochure, circa 1965



Directeuren zijn ook mensen.

Cultuur Posted on 22 Jul, 2009 19:01

In de tijd dat we werkten
bij PdP was X directeur.

Hij kwam regelmatig in
Leeuwarden.

Tijdens een vergadering
was het tijd voor een sanitaire stop.

Alleen waren er meer
heren dan gelegenheden om de piepers te jassen.

Zegt X ineens tegen T:
“dan doe je het toch in de spoelbak”.

“Of doe jij het
nooit in een spoelbak?”

T was sprakenloos. Hij durfde het niet aan om het
advies van X op te volgen.

John Adema



Wat kost de giro (1965)

Het merk Postbank Posted on 22 Jul, 2009 18:55

Wat kost het gireren u? Heel weinig! Een
girokaart kost u 2 cent. Een giro-enveloppe, waarin u een of meer girokaarten
ongefrankeerd kunt versturen, kost u slechts 1 cent. Verder is behalve het
betalen per cheque practisch alles gratis, ook storten op eigen rekening.

En wat bespaart het gireren u? Tijd, geld en
moeite. De tijd, die u onderweg bent om te gààn betalen. Het geld voor de
frankeerzegels, het recht voor postwissels en stortingskaarten. En de moeite om
telkens op het postkantoor in de rij te staan, om incasseerders aan uw deur te
woord te staan, ja zelfs om uw naam en adres te schrijven, want die staan al op
uw girokaart gedrukt!

. . .

Wanneer u een girorekening wilt openen, kunt u
bij elk postkantoor een aanvraagformulier krijgen. Uw boekjes met girokaarten
worden u, samen met een volledige handleiding, toegezonden. Spoedig daarna zult
u tot de vele Nederlanders behoren, die op de vraag, of een girorekening wel
wat is voor een particulier, spontaan het antwoord geven: “Nou en of!”

Uit: Postgiro-brochure, circa 1965




Grijpklare tapes

Processen Posted on 22 Jul, 2009 17:35

Tijdens de dagelijkse boekingsgangen (het
overboeken van het geld van de ene rekening naar de andere), werd een groot
aantal computertapes gebruikt. In die tijd waren dat de ‘externe harde
schijven’ van het geautomatiseerde systeem van de PCGD.

De tapes werden keurig in rekjes neergezet die
naast de computersystemen stonden. Zolang de boekingsgang niet was afgerond
waren deze computertapes essentieel voor een goed verloop van het giroverkeer.
Als er één of meer tapes verloren zouden gaan, zou het extreem veel tijd en
moeite kosten om het proces weer aan de gang te krijgen. Daarom werd er
regelmatig getest of de tapes (die erg belangrijk waren om terug te kunnen
vallen naar een vorige boekingsgang) daadwerkelijk in de rekjes met
grijpklare tapes werden veiliggesteld.

De chef Bedrijfzelfbescherming kwam op de
computerzaal binnen en riep luidkeels “brand!”. De operators moesten per
computersysteem met het rekje met ‘grijpklare’ tapes naar de gang rennen. Daar
werd gecontroleerd of in de rekjes inderdaad alle nodige duplicaattapes lagen.

En dat
er niet per ongeluk een tape even op een ander kastje was neergelegd.

Joop Kolkman



De IBM 1401

Logistiek Posted on 22 Jul, 2009 17:34

Na een mislukte poging tot automatisering in
1923, gaat de Postcheque en Girodienst eind vijftiger jaren echt automatiseren.
De eerste computer was een IBM 1401. In die tijd de meest vooruitstrevende
computer die je voor administratieve doeleinden kon gebruiken.

Deze computer kende verschillende onderdelen
die met kabels aan elkaar waren verbonden:

* De centrale verwerkingseenheid die al het
rekenwerk deed (te vergelijken met de centrale processor, wat omliggende
kleinere chips en de geheugenchips in een moderne PC)

* De kaartlezer en kaartponsmachine die de
gegevens uit de ponskaarten las, of nieuwe gegevens in een ponskaart ponste
(vergelijkbaar met het gebruik van een USB-stick)

* De tape-units waarmee magnetische banden
konden worden gelezen en beschreven (daar gebruiken we nu een harde schijf
voor)

* Een uitbreiding van het werkgeheugen (een
aparte kast)

* En het informatiestation, een elektrische
typemachine die gegevens van de computer kon printen, maar waar – door middel
van het toetsenbord – ook opdrachten aan de computer konden worden gegeven.

Het geheugen van de 1401 bestond uit kleine
ringetjes – minder dan 2 millimeter doorsnee – van porcelein gemengd met wat
metaal. De ringen waren bevestigd op een netwerk van metalen draden waar stroom
doorheen liep. Een dergelijk geheugen was zo groot, dat zelfs een (naar moderne
maatstaven) extreem klein geheugen, heel veel plek in beslag nam. Het geheugen
van de 1401 was 12 kilobytes, uitbreidbaar tot 16 kilobyte. Om een idee te
geven: een gemiddeld liedje in MP3-formaat is 2000 keer zo groot. En dat alles
in een kast waar mijn koelkast klein bij lijkt.

De gegevens werden door middel van ponskaarten
in het geheugen van de computer geplaatst. Jarenlang waren de meeste
formulieren van de PCGD uitgevoerd als ponskaarten. Door middel van koperen
borsteltjes kon de kaartlezer ‘lezen’ op welke positie de ponsgaten waren
geponst. Elke plek op de kaart had een andere betekenis. Hierdoor konden zowel
cijfers als letters in het geheugen van de computer worden ingevoerd.

De kaartlezer van de 1401 kon maar liefst 800
kaarten per minuut lezen. Dat komt ongeveer overeen met het kopiëren van een
MP3-liedje in 50 minuten.

Het
klinkt misschien allemaal wat primitief, maar met behulp van deze systemen werd
in de zestiger jaren wel de helft van het totale girale betalingsverkeer van
Nederland geregeld.