Ik heb op de spaarkamers van de
voormalige Rijkspostspaarbank gewerkt vanaf 1963 t/m 2000. In de zestiger jaren
genoot de chef van zo’n spaarkamer nogal wat aanzien. Tegen hem (en af
en toe een haar) werd opgekeken.

In die tijd werd door het personeel
geschreven met een blauwe ballpoint. Deze ballpoint was door het bedrijf
verstrekt. Met een privé ballpoint mocht absoluut niet worden geschreven.

De chef was de enige die ook met een
rode ballpoint mocht schrijven.

Als de ballpoint van de medewerker
leeg was, moest deze worden ingeleverd bij de chef. De chef controleerde of de
ballpoint inderdaad leeg was. In dat geval werd overgegaan tot het afgeven van
de “nieuwe” blauwe ballpoint.

Ook werd er in de administratie
geschreven met een potlood (voor insiders: de potloodposten). Door
het bedrijf werden alleen halve potloodjes afgegeven, onder het mom dat een
heel potlood niet nodig was.

J.W. Padt