Postbank, kersvers geboren, stuurt vrijwel alle
stafmedewerkers die op een of andere manier betrokken zijn bij het primaire
proces naar trainingen Projectmatig werken. Dat genoegen valt ook mij ten deel.
Het is een hele leuke training en we verblijven de hele week in een hotel in de
omgeving van Capelle aan den IJssel.

Elk team krijgt een echt
“project” als kapstok voor het oefenen van de diverse projectrollen
en voor het doorlopen van de diverse projectfasen, waarbij natuurlijk ook echte
fasedocumenten moeten worden opgeleverd. Het project houdt in, dat er van het
fantastische speelgoed Meccano een heus object (een kabelbaan) moet worden
opgeleverd als projectresultaat. Aan het begin van de diverse projectfasen
moeten de geplande onderdelen (schroefjes, stangetjes, wieltjes) worden
ingekocht bij de magazijnmeester die de Meccanovoorraad beheert. De rol van
projectleider wordt elke fase vervuld door een ander projectlid.

Op zeker
moment is collega X, voorheen werkzaam in het onderwijs, maar kortgeleden bij Postbank
ingelijfd in een organisatiefunctie, projectleider. Zij verstrekt op nogal
bitse wijze de document-werkopdrachten die de projectleden moeten uitvoeren
tijdens haar bewind. Aan het eind van haar peptalk loopt ze naar onze werktafel
toe, graait alle Meccano onderdelen eraf die we zojuist hebben ingekocht en
zegt “die krijgen jullie aan het eind van deze fase pas weer terug, anders
gaan jullie er maar mee zitten spelen
“.

Bij de feedback krijgt ze het
zwaar te verduren. Het bulderende lachsalvo dat direct op haar schoolse
optreden volgt, moet voor haar echter nog pijnlijker zijn geweest. Maar daar
had ze ook wel een beetje om gevraagd.

Peter Polak