Ik werkte in de tachtiger jaren in gebouw De Leeuwenburg bij
het Amstelstation. maar moest af en toe ook op werkbezoek naar het
gebouwencomplex aan de Haarlemmerweg. Als ik met de auto die reis maakte, was
het handig om van tevoren een parkeerplaats te reserveren bij de afdeling
Bewaking van de Haarlemmerweg.

De regel was, dat parkeerplaatsen in elk geval
24 uur van tevoren gereserveerd moesten zijn. Op zekere dag belde ik 2 dagen
voordat mijn bezoek gepland was om de parkeerplaats te reserveren. De bewaker
meldde mij vriendelijk doch resoluut: “dan moet u 24 uur van tevoren
bellen, meneer”. Ik antwoordde opgewekt dat ik pas “overmorgen”
de parkeerplaats nodig had, dus dat ik ruim op tijd was. Wederom kreeg ik, nu
op aanmerkelijk kribbiger toon de mededeling dat ik dan 24 uur van tevoren
moest bellen. Ik dacht even aan een grap, maar liet die gedachte maar meteen
varen.

Het heeft mij het uiterste van mijn consultancyvaardigheden gekost om de
bewaker er min of meer van te overtuigen dat met 24 uur van tevoren bedoeld
werd “uiterlijk 24 uur van tevoren”. Hij heeft de parkeerplaats wel
voor mij gereserveerd, maar de argwaan bleef in zijn reacties hoorbaar. Ik heb
na het beeindigen van het telefoongesprek enige tijd met mijn bureau
“geheadbanged” om mezelf ervan te overtuigen dat ik wakker was en
niet in een droom optrad.

Peter Polak, destijds organisatieanalist