Op de afdeling Girosparen van Postgiro Rijkspostspaarbank is
het in de tachtiger jaren met de regelmaat van de klok razend druk. Als de
“lange rente” en de “korte rente” zich ten opzichte
van elkaar nogal eens drastisch wijzigen, heeft dat enorme kapitaalverschuivingen
tussen girospaarrekeningen en deposito’s tot gevolg. Het productieapparaat van
Girosparen is daar niet tegen opgewassen. Achterstanden zijn het gevolg en
gedwongen rustig afwachten is het lot van de klanten. Veel klanten hebben dat
geduld niet, weten ook niet waarom het zolang duurt en grijpen de telefoon om
te vragen hoelang het nog duurt voordat hun opdracht wordt uitgevoerd. Veelal
bellen ze voor de tweede of derde keer.

Op zekere dag belt een zeer
geirriteerde klant voor de zoveelste keer om te vragen wanneer hij nu eindelijk
bericht krijgt dat zijn opdracht is uitgevoerd om met het saldo van zijn
girospaarrekening een depositorekening te openen. De medewerker Girosparen die
hem te woord staat, munt uit in kalmte en beleefdheid maar is niet in staat om
de klant “tevreden” af te poeieren. De klant speelt het hoog op en
somt reeksen argumenten op waarom de traagheid van Girosparen onacceptabel is.

Uiteindelijk slaakt de medewerker een diepe zucht en stelt de klant de
historische vraag “ja meneer, ik begrijp u helemaal, maar luister nou
eens. Wie wil er nu sparen, u of ik?”

Peter Polak