Niet alleen de grote aantallen van
de primaire processen zoals betalen kunnen tot problemen leiden. Zo vertelde de
toenmalige projectleider mij over de onverwachte problemen die hij tegenkwam
bij zijn project.

Het aanleggen van een
back-upcomputer en een netwerk is ook in de negentiger jaren al geen groot
probleem meer. Maar zelfs een ondersteunend proces als de interne financiële
verslaglegging, is zo groot, dat een ogenschijnlijk eenvoudige klus toch de
nodige logistiek problemen met zich mee kan brengen.

De Nederlandse Bank eist dat de
Postbank met al haar processen binnen 24 uur weer in de lucht is, ook als er
sprake is van een calamiteit zoals een afgebrand computercentrum. Dat geldt ook
voor de interne financiële processen. Dat betekent dat (computer)systemen
dubbel uitgevoerd moeten worden: twee computers, een flinke afstand van elkaar
verwijderd, met een snelle communicatielijn, bieden voldoende veiligheid. Valt
er één uit, dan kan de ander met minimale moeite het werk overnemen.

Het computercentrum in Rotterdam is
voor een groot aantal andere computersystemen als back-up ingericht. Nog meer
back-up systemen plaatsen kan ten tijde van dit project niet meer omdat de
stroomvoorziening het niet aan zou kunnen. Een andere ING-afdeling bouwde
echter een nieuw, eigen computercentrum in Den Haag. De back-up van het
financiële systeem kan daar wel bijgeplaatst worden.

Maar ook een relatief klein
computercentrum heeft extra stroomvoorzieningen en extra koeling nodig.
Koelingsbuizen waar een volwassen man rechtop door kan lopen. En dat achteraf
ingepast in een bestaand gebouw. Het plaatsen van de koelinstallatie gebeurt op
zondagochtend omdat de hijskraan die het geheel op het dak moet plaatsen,
alleen midden op een drukke verkeersweg kan staan.

De communicatielijn tussen het
computercentrum in Rotterdam en het gebouw in Den Haag moet van glasvezel zijn.
Alleen dat is snel genoeg om een goede back-up voorziening te waarborgen. Op
dit traject is nog geen glasvezelkabel beschikbaar, dus die moet getrokken
worden. Gelukkig liggen er wel al overal kabelpijpen met daar tussenin
kabelputjes, zodat de kabel alleen van putje naar putje getrokken hoef te
worden. In dit geval: langs 89 putjes. Geen probleem. Behalve dat sinds de
putjes en de kabelbuizen waren getrokken, er twee grote projecten gestart zijn
op het traject: de aanleg van de Randstadrail en een nieuw stadion van FC Den
Haag.

Vlak voor de oplevering van de
systemen zijn nog twee putjes zoek. De locatie van de putjes is wel op kaarten
aangegeven, maar niet met exacte coördinaten. Het eerste putje wordt gelukkig
nog redelijk snel gevonden: onder het voetbalveld, midden in het nieuwe
stadion. Maar het andere putje is lastiger. Bovenop het putje is de
aannemerskeet van de Randstadrail geplaatst. Een hijskraan moet eraan te pas
komen om een keet van drie verdiepingen een paar meter te verplaatsen. Daarna
wordt er klassiek gegraven om naar het putje te zoeken: tevergeefs. Het putje
blijft zoek. De laatste redding is het door de kabelbuis blazen van een
peilzendertje vanuit een naastgelegen putje waar je wel toegang toe hebt. Het
putje blijkt een paar meter verderop te liggen: een meter naast de
oorspronkelijke locatie van de aannemerskeet.